Over

De legende van de tijdreis van de “legende van Rembrandt

De legende van Rembrandt is eeuwenlang doorverteld in kunstminnende kringen in Amsterdam.
Het Trippenhuis aan de Kloveniersburgwal fungeerde op initiatief van Koning Willem I, tot de opening van huidige Rijksmuseum in 1885, als Rijksmuseum voor de  Nederlandse kunst.
Ook meesterwerken van Rembrandt waren hier te zien, o.a. “de Nachtwacht” en “het Joodse Bruidje“.

Vincent van Gogh heeft een jaar in Amsterdam gewoond om theologie te studeren, de studie mislukte.  In zijn vrije tijd was hij een zeer frequent bezoeker van het Trippenhuis museum, de toegang was gratis.
Hij was diep onder de indruk van het werk van Rembrandt, vooral het Joodse bruidje.
Hij verkondigde “ik geef 10 jaar van mijn leven als ik 2 weken voor dit schilderij mag zitten met enkel een paar korsten brood en water”. Vincent heeft tijdens één van zijn vele bezoeken aan het museum het verhaal van de legende horen vertellen door een suppoost van het museum.

20210319 Nachtwacht in het Trippenhuis

Omdat het karwei, het nog een keer vervaardigen van een dergelijk groot schilderij, voor Rembrandt alleen veel te omvangrijk was, wilde hij net als bij “De Nachtwacht” een club van leerlingen om zich heen verzamelen om dit gigantische werk te klaren. Een van de verre voorouders van de museummedewerker was destijds een van die uitgenodigde leerlingen en heeft dit verhaal meegekregen. Binnen de familie en in schilderkringen werd dit verhaal van het niet geschilderde kunstwerk van de ene op de andere generatie overgedragen.

Deze legende van Rembrandt heeft indruk op Vincent gemaakt. In zijn verdere leven was hij zelf ook vaak op zoek naar onderwerpen en composities voor zijn schilderijen. In gedachten dwaalde hij dan wel eens samen met Rembrandt door het Amsterdam van de zeventiende eeuw op zoek naar een inspirerend tafereel.

Tijdens zijn verblijf in Nieuw Amsterdam, in het najaar van 1883, heeft Vincent Zweeloo bezocht. Hij hoopte daar de kunstenaar Max Liebermann te ontmoeten, maar Liebermann verbleef op dat moment helaas niet in Zweeloo. Vincent maakte enkele schetsen in het dorp, waaronder de beroemde schets van het kerkje van Zweeloo. De nieuwsgierige dominee van het kerkje raakte in gesprek met de voor hem onbekende kunstenaar. Vincent vertelde over zijn bewondering voor het Drentse landschap en hoe hij als kunstenaar erdoor werd geïnspireerd.  Kunstenaars zoeken inspiratie voor hun werk en zo kwam het gesprek ook op de legende van Rembrandt. De dominee heeft aandachtig geluisterd en het verhaal later doorverteld aan de dominee van de kerk in Emmen. Die schrijft  het boeiende verhaal, verteld door van Gogh, over de legende van de toen al beroemde schilder Rembrandt op. Achteloos verdwijnt het artikel daarna in het archief van de Emmense dominee.

foto kerkje

Bijna een eeuw later wordt het oude archief van de kerk samen met nog meer archiefmateriaal opgeruimd. Het blijkt dat allesverzamelaar Jans Brands wel geïnteresseerd is. Het gedeelte van het archief wat weg mag, wordt toegevoegd aan zijn toen al omvangrijke verzameling. Een aantal vrijwilligers spitten de enorme stapel door en zo komt dit artikel weer boven water.

In het voorjaar van 2019 komt een man op hoge leeftijd in de Savannestal waar aan een kopie van “De Nachtwacht” wordt gewerkt. Hij vertelde ons dat Rembrandt nog zo’n enorm groot en imponerend schilderij als De Nachtwacht had willen maken. Hij had bij Brands ongeveer twintig of dertig jaar geleden het kerkarchief opgeruimd en was een brief van de dominee over Van Gogh en Rembrandt tegengekomen.

Op deze manier kwam dit prachtige verhaal “De Legende van Rembrandt” bij ons, stichting “De Nachtwacht van Emmen”terecht.

Op onze vraag of het papiertje nog bestond antwoorde hij teleurstellend dat het was weggegooid. Enerzijds werd er toen niet de waarde aan toegekend die het zeker had verdiend en anderzijds was het door de opslag dermate aangetast dat het amper leesbaar was. Het werd samen met een groot deel van het overige verweerde archief als afval weggegooid.

Maar het verhaal leeft nu weer en dankzij het gilde van stichting De Nachtwacht van Emmen zade Legende van Rembrandt nog generaties lang voort gaan leven.

franse lelie (2)

De legende van Rembrandt

Er bestaat een legende, dat een oude verpauperde en moegestreden Rembrandt, in de tweede helft van 1668 nog een keer wilde stralen. Hij had een fantastisch idee om nog éénmaal een adembenemend schilderij te gaan maken. Een schilderij dat niet alleen zijn werken tot dan toe zou overtreffen, maar ook voor een deel zouden samenvatten. Spraakmakender, opzienbarender, spectaculairder en qua afmeting zeker net zo groot en imposant als het schilderij van “De schutterij van Banninck Coqc die op patrouille gaat”. Het schilderij, wat later “de Nachtwacht” zou gaan heten. Het nieuwe werk zou hem tot het einde van zijn dagen kunnen onderhouden.

Rembrandt wilde hiermee niet alleen een ode aan de schilderkunst in de 17e eeuw gaan brengen, maar vooral een ode aan zichzelf, door een verzameling van een groot aantal van zijn meesterwerken in één situatie op één schilderij weer te geven.

Begin 1669 moet hij een aantal schetsen gemaakt hebben van mogelijke scenes waarin zich dit af zou kunnen spelen. Mogelijk was hier een schets bij, waarbij een herberg diende als locatie, maar ook een straattafereel behoort tot de een van de mogelijkheden. Hierover bestaat veel onduidelijkheid.

Op het schilderij zouden niet alleen personen van zijn schilderijen als Saskia, Titus, (misschien wel meerdere malen in verschillende leeftijd fases), Frans Banninck Coqc die nu net terug is gekomen van de Nachtwacht met een aantal van zijn mannen, Jan Six, Maarten en Oopje, het Joodse bruidje en nog veel meer, maar ook Rembrandt zelf meerdere malen (zowel als jonge man en als oudere man) voorkomen.

Op basis van de grote hoeveelheid werken die hij had gemaakt, kon hij putten uit een scala aan beelden.

Hij kreeg de tijd niet, want op 3 oktober 1669 stierf Rembrandt. Met hem leek ook dit idee verloren te gaan waarmee het hele plan was afgeschreven. Hiermee zou ook deze legende uitsterven………………..

_________________________________________________________________________________________________________________


Over de werkgroepen van stichting “de Nachtwacht van Emmen” 

Alvorens de eerste penseelstreek op het doek kan worden gezet hebben een aantal enthousiaste vrijwilligers al gedurende langere tijd zich bijna dagelijks ingezet. Deze bevlogen vrijwilligers houden zich o.a. bezig met de verbouwing van het Savannehuis, het werven van sponsoren en fondsen, de inrichting van het Savannehuis, financiële- en juridische zaken, PR en communicatie en wellicht het meest belangrijk: het creatieve gedeelte van het project. Dit alles onder de bezielende leiding van een projectleider. Voor alle genoemde zaken zijn werkgroepen ingesteld en graag stellen we deze aan u voor:

  • Fokke Wester, projectleider
  • Jan Thedinga, sponsoren
  • Herry Prinsen, bouw
  • Jacqueline van der Vlies, sponsoren en fondsenwerving
  • Betsy Geerlings, planning traktanten
  • Geert Joling, creatief leider
  • Herry Prinsen, PR & activiteiten
  • Bea Wolters, PR & activiteiten
  • vacant, facilitaire zaken
  • Jurrie Eelsing, planning schilders

___________________________________________________________________________________________________________________

Over Rembrandt van Rijn

Rembrandt Harmenszoon van Rijn (Leiden, 15 juli 1606 – Amsterdam, 4 oktober 1669) was een Nederlandse kunstschilder, etser en tekenaar. Hij geldt algemeen als een van de grootste schilders en etsers in de Europese kunst, en als de meest belangrijke Hollandse meester van de 17e eeuw. Rembrandt vervaardigde in totaal ongeveer driehonderd schilderijen, driehonderd etsen en tweeduizend tekeningen. Zijn werk behoort tot de barok en is zichtbaar beïnvloed door het caravaggisme, (Het caravaggisme is een stroming in de 17de-eeuwse schilderkunst, naar aanleiding van de revolutionaire stijl van de Italiaanse meester Caravaggio.) Dit is opmerkelijk daar hij nooit in Italië is geweest. Zijn bijzondere beheersing van het spel met licht en donker, waarbij hij vaak scherpe contrasten (clair-obscur) gebruikte om zo de toeschouwer de voorstelling binnen te voeren, leidde tot levendige scènes vol dramatiek.

Het oeuvre van Rembrandt wordt door kunsthistorici in vijf periodes ingedeeld, te beginnen met de Leidse periode (1625-1631). Vanaf 1629 begint de ontwikkeling als kunstenaar, waarbij Rembrandt met contrasten begint te werken en zijn belangstelling is gewekt voor de lichtbehandeling; na 1640 treedt een versobering in. In de jaren 1650 zijn penseelstreken duidelijk zichtbaar en de kleuren rijker.

Rembrandt beschouwde zichzelf vooral als een historie- en portretschilder. Hij was een zelfverzekerde man en vervaardigde in alle levensfasen, maar vooral na 1660 zelfportretten welke door iedereen werden bewonderd.
De honderd geschilderde en twintig geëtste zelfportretten geven een opmerkelijk scherp beeld van zijn uiterlijk en een vermoeden van zijn gevoelens; hij beeldde zichzelf af als de apostel Paulus en zette zichzelf in zijn zelfportret uit 1658 neer als een koning uit het Oosten.
Behalve zijn vrouw Saskia van Uylenburgh en zijn zoon Titus van Rijn heeft ook zijn huishoudster/vriendin Hendrickje Stoffels gefungeerd als model.

____________________________________________________________________________________________________________________

Over de Nachtwacht

De Nachtwacht is het beroemdste schilderij dat geschilderd is door Rembrandt van Rijn. Het geldt dan ook als een van de meest waardevolle werken ter wereld. De volledige naam van het schilderij is “De compagnie van Frans Banninck Cocq en luitenant Willem van Ruytenburgh maakt zich gereed om uit te marcheren”. Het schilderij heeft lang in de vergetelheid in het donker gestaan. Door het vuil en stoffigheid werd het erg donker en kreeg daarom de naam “De Nachtwacht”. Momenteel is het na een aantal restauraties weer goed zichtbaar. Het hangt in het Rijksmuseum in Amsterdam.

Het schilderij is gemaakt in 4 jaar tijd en was klaar in 1642. Het meet nu 363cm x 437 cm. Oorspronkelijk was het veel groter, maar omdat het moest passen tussen twee deuren in het nieuwe stadhuis van Amsterdam (nu het paleis op de Dam) werd het schilderij op maat gesneden. Ook de hoogte moest worden aangepast.
In de Tweede Wereldoorlog is het schilderij opgerold en werd het voor de Duitsers op diverse plekken verstopt, waaronder in de Staatsmijnen in Limburg. Zwaar beschadigd kwam het de oorlog door. Gelijk na de oorlog vond een restauratie plaats.
Volgens deskundigen staat Rembrandt zelf ook op het schilderij. Een beetje links van het midden tussen een man met een hoed en een man met een helm. Het oog wat net te zien is, zou het oog van Rembrandt zijn.

De mannen op het schilderij zijn schutters. De schutter, zelf ook burger van de stad, beschermde de bewoners. Dat gebeurde in groepsverband, genaamd “de schutterij”. Een schutterij is een vereniging die in de middeleeuwen de stad verdedigde. Schutters zorgen voor orde en rust in de stad. Zij waren bewapend en hielden ’s nachts de wacht en patrouilleerden. De schutterij kun je vergelijken met de politie van nu. Leden van de Schutterij werden vaak geportretteerd, altijd strak en stijf, een geposeerd staatsieportret. Rembrandt doorbrak dit en schilderde de compagnie in actie, alsof ze op het punt stonden op patrouille te gaan. Niet iedereen was destijds gecharmeerd van de voor die tijd flamboyante wijze waarop Rembrandt de compagnie van Banning de Cock en van Van Ruytenburg portretteerde.

<span>%d</span> bloggers liken dit:
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close